Onbegrensd onderzocht: Lokaal vs. Globaal

Tekst: Demi van Herpen
Leestijd: 5 minuten
Foto: Via Pixabay

Toen de coronacrisis van start ging, begonnen mensen massaal te hamsteren. Van toiletpapier tot pasta en van bloem tot groentes in blik. Supermarktenschappen waren soms voor de helft leeg terwijl er ondertussen bij de boer een overschot aan aardappelen was. Hoe zit dit nou precies? 

“Ons voedselsysteem bestaat uit verschillende schakels. Het vraag en aanbod is op elkaar afgesteld zodat we constant alle producten kunnen kopen die we willen”, vertelt Alie de Boer, universitair docent Voedselwetenschappen bij de Universiteit Maastricht. “In het begin was het probleem dus vooral dat wat we normaal in drie dagen kopen toen in één dag werd gekocht. Wat een vrij normale reactie is op een crisistoestand maar het duurde dus even voordat al het aanbod weer binnen was. Zo leken de supermarkten erg leeg. Pas later kregen we te maken met het probleem dat voedsel niet verscheept kon worden.”

Grenzen dicht
In Nederland is het dus zo geregeld dat we eigenlijk altijd kunnen krijgen wat we willen in de supermarkt maar in een aantal landen is dat niet zo. Landen die een heel droog klimaat hebben of niet de juiste grondstoffen bezitten, worden het hardst getroffen. “Er zijn landen die heel erg afhankelijk zijn van import. Zij kunnen momenteel niet de juiste voedingsstoffen bieden aan hun bevolking”, vertelt Madhura Rao, PhD-kandidaat aan de Universiteit Maastricht. Zij doet een onderzoek naar het huidige voedselsysteem in de wereld. “Vooral landen als Jemen, Congo-Kinshasa, Zuid-Sudan en Afghanistan hebben het moeilijk. Zij hadden al weinig goede voeding voor de crisis en nu is het alleen maar lastiger om hieraan te komen.” 

“Verder is export en import gewoon heel belangrijk. Geen één land in de wereld kan voldoende kwalitatief en kwantitatief eten produceren. Dat is de rede dat landen zich expertisen op het produceren van voedsel wat bij hun klimaat past,” legt Rao verder uit. “Omdat we dus gingen hamsteren, was het zo dat de supermarkten leeg leken. Terwijl er eigenlijk nog genoeg geproduceerd werd in de wereld.”

Overschotten en tekorten
In Nederland zijn er ook veel overschotten waar we niet vanaf komen. Zo zitten veel boeren met een overschot aan aardappelen. Dit komt vooral door de sluiting van de horeca in maart. De schuren van boeren lagen overvol. André Hoogendijk, van brancheorganisatie BO Akkerbouw, vertelt aan NOS wat er gedaan wordt met de overgebleven aardappelen: “Veel van de aardappelen worden verkocht aan melkveehouders. Die kopen de aardappelen dan op voor één cent per kilo om te voeren aan hun vee. Daarnaast wordt een deel omgezet in huisdierenvoeding. Consumenten uit de buurt komen direct langs bij de boer om aardappelen te kopen en veel aardappelen gaan naar de voedselbanken.”

Er zijn ook tekorten in Nederland, zelfs in de landbouwsector. “Telers van asperges komen immigratiearbeiders te kort waardoor veel asperges in de grond blijven zitten en zo verderven”, vertelt De Boer. 

Bij onze buren gaat het momenteel wat lastiger om van bepaalde artikelen af te komen. “Duitsland is groot producent van kalvervlees en zelfs hen lukte het niet om het voedsel te verschepen naar buurlanden. Zo zaten zij met een overschot. Daarbij kwam ook nog het feit dat horeca dicht was en het daaraan dus niet verkocht kon worden”, legt De Boer uit. Omdat er dus zo veel overschotten zijn, is er veel voedselverspilling terwijl andere landen hongerlijden, maar het kan momenteel niet verscheept worden. 

Eerlijk voedselsysteem
Toen we zo gingen hamsteren, was het voor mensen met een lager inkomen of die fysiek zwakker waren soms moeilijk om aan boodschappen te komen. “Het was niet nodig maar wel een logische reactie”, zegt Rao. “Het was alleen oneerlijk voor mensen die niet zomaar met drie tassen vol de supermarkt konden verlaten. Zij moesten het dan vaak doen met wat er nog over was en dit is niet altijd waar je zin in hebt. Het is een kleine afspiegeling van het voedselsysteem in de wereld.”

Als we naar een eerlijk voedselsysteem streven, moeten we ook kijken naar wat we bedoelen met eerlijk. Gelijke lonen? Vee dat eerlijk behandeld wordt? De opwarming van de aarde verlangzamen? Dat iedereen over de wereld toegang heeft tot gezond en variërend eten? “Dit alles zullen we niet in óns leven kunnen bereiken maar wie weet wat er gebeurt als we er niet meer zijn”, vertelt Rao. “Toch moeten we de progressie voortzetten in het beter maken van het voedselsysteem voor iedereen.”

Lokaal of globaal eten?
Als je nu naar de supermarkt gaat, kan het soms zomaar zijn dat je favoriete fruit er niet ligt of de groentes die je juist net nodig had voor je recept. Wat kunnen we hieraan doen? “Ga eens op zoek naar recepten met producten die in het seizoen zijn”, vertelt Rao. “Nu is het moment dat we ons realiseren dat we niet zomaar altijd alles kunnen kopen wat we willen. Een goede insteek om in de toekomst seizoensgebonden te eten, vooruit te denken in wat we willen eten en wat duurzamer inkopen. Mensen hebben nu tijd over dus willen ze daar ook moeite insteken. Hopelijk blijft deze mindset hangen tot na de coronacrisis.”

“Ik merk zelf dat ik de groenteboer, de slager en ook de boer zelf op zoek. Ik neem echt de tijd voor mijn boodschappen nu ik vanuit huis moet werken en bijna niet buiten de deur kom”, zegt De Boer. “Ik neem me voor om hiermee door te gaan na de coronacrisis maar de tijd zal het leren.”

Hieronder nog even de tips op een rijtje!

Spread the love

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *